Vissen, atletiek en voetbal

26-11-2014

22 november 2014

De argeloze lezer, die de titel ‘Vissen, atletiek en voetbal’ leest, haakt misschien al snel af met het idee wat dit nu met de voetbalwedstrijd van E1 te maken heeft. Maar wacht nog even. Als verslaggever van de wedstrijd is het mijn taak om een zo getrouw mogelijk beeld weer te geven wat er zich afspeelt op en naast het veld. Dat ook ik soms gegrepen word door de emotie die bij het voetbal nu eenmaal hoort, tja dat moet je me maar vergeven. Maar het meeste wat ik schrijf is toch echt waarheidsgetrouw. Neem nou dat vissen. Laat ik daar eens mee beginnen.

De opa van onze keeper Bas gaf daarvoor de aanleiding. Eén van de meest trouwe supporters, die nagenoeg bij elke wedstrijd aanwezig is, sprak na afloop van de wedstrijd de magische woorden ‘Bas heeft vandaag geleerd wat vissen is’. Nu had ik Bas wel eens met een hengel bij de Van Dedemsvaart gezien maar dat hij al zo vroeg op de zaterdag met zijn hengeltje in de weer was geweest, wilde er niet meteen bij mij in. Plotseling drong het besef tot mij door dat het hier om wat anders ging. Natuurlijk, hoe had ik zo dom kunnen zijn. Bas – keeper – tegendoelpunten. En om maar met de deur in huis te vallen. Negen keer had Bas de bal uit zijn doel moeten halen. Vissen, maar dan anders. Negen doelpunten tegen? En dat een week na die wervelende bekerwedstrijd in Harderwijk! Maar…. wacht even, stel je oordeel even uit. De vraag is nu of wij die wedstrijd wel verloren hebben? Want, wees eerlijk. Een wedstrijd is pas verloren als het verschil één doelpunt is. En stel je nu eens voor dat wij er gewoon tien in hebben geschopt. Dat de doelman van Go Ahead Kampen er tien had moeten vissen!

Ik neem jullie mee naar de warming up. In een uithoek van het sportcomplex lag een echt grasveld. Onze mannen keken wat beduusd naar het echte gras. Het ontbrak er nog maar aan dat één van deze kunstgrasspelers vroeg of dit nu echt gras was. Ja, dit was nu echt gras, echte modder en veel wind. De mannen ploegden zich door de zware grond heen en schoten het balletje rond. Zoals gebruikelijk werd er op het doel geschoten. Maar daar doemde zich een enorm probleem voor. Een beetje te hoog geschoten bal verdween rap op een paar uit de kluiten gegroeide struiken in een enorme sloot. De mannen kregen de nadrukkelijke waarschuwing mee om laag te schieten. Helaas. Ruben was met z’n gedachten al bezig wat het zetten van een schoen die avond toch op zou leveren. Hij hield z’n lichaam te ver naar achteren en schoot meters over. Je begrijpt het al…in de sloot. Henk, de vader van Lars bedacht zich geen moment. Met een lange stok wist hij de bal met veel pijn en moeite weer uit het water te krijgen. In de laatste serie schoten, verdween echter opnieuw een bal in de sloot. Dit keer lag de bal helemaal aan de andere kant. Oei, hoe zou Henk deze uitdaging te lijf gaan. Even leek het of hij zijn favoriete  triathlon sport direct in de praktijk zou brengen. Het water was echter te koud. Wat nu? Overal water, geen langere stok te vinden en geen bruggetje om naar de overkant te komen. Met lede ogen zagen wij de bal langzaam verder drijven. Mission impossible. Inmiddels hadden beide ploegen zich op het veld opgesteld. Trainer, leider en alle ouders stonden klaar langs de lijn om hun kelen weer schor te schreeuwen. En Henk? Henk was in geen velden of wegen te bekennen.

De wedstrijd begon met een aanvallend Olympia. Het had binnen tien minuten al 0-2 kunnen staan. Go Ahead benutte echter wel de kansen en schreef de eerste twee doelpunten op haar naam. We kwamen echter terug. De strijd golfde op en neer. Als wij weer inliepen, vergrootte de ploeg uit Kampen weer de voorsprong. Tot en met 4-3 was de spanning optimaal en hielden beide ploegen elkaar in evenwicht.

Plotseling zag ik Henk. Hij zag er opgewekt uit, keek met trots het veld over maar had wel zwarte handen. Hij zou toch niet …. ? Met een beetje spanning keek ik in de tas met ballen. Eén, twee, drie, vier en warempel, ik telde al de vijf ballen. Hoe was hem dat gelukt? Henk moest een staaltje van atletisch vermogen aan de dag hebben gelegd waar ik direct jaloers op werd. Hoe had hij dat geklaard? Hoe had hij die bal weten te bemachtigen? Toen ik Henk daarnaar vroeg was een grote glimlach het antwoord.

Intussen was Olympia aan het wankelen. We werden minder scherp, gaven teveel uit handen en moesten toezien hoe Go Ahead de kansen wel benutte. In de laatste minuten moesten we toezien hoe de stand 9-3 werd, in het voordeel van Kampen. Helaas moesten wij onze meerdere erkennen en konden we in de kleedkamer onze wonden likken. Vorige week verkeerden we in euforie. Dit keer stonden we weer met beide benen op de grond.

Terwijl de ouders nog lang niet uitgepraat waren over deze wedstrijd zaten onze jongens al lang en breed aan de patat. Dat hadden ze goed onthouden. De traktatie van Benni op de overwinning van de bekerwedstrijd van vorige week, leverde hen nu een bak met goudgele frieten op. Het leed was voor hen allang weer geleden!

Dick Bosch